Handen en voetenwerk

Als we naar een land op vakantie gaan waarvan we de taal niet spreken, zijn we toch vaak in staat om ons met ‘handen en voetenwerk’ een beetje duidelijk te maken. De andere persoon mag dan wellicht onze woorden niet verstaan, maar uit de intonatie en de illustrerende gebaren kan er veel opgemaakt worden.

Dit is voor een vakantie prima, maar dit is natuurlijk niet fijn als het je dagelijkse leven is. En dit is nu wel de situatie waarin een anderstalige zich bevindt als hij/ zij net in Nederland is.

Je start als taalcoach

 

Het taalniveau van de anderstalige bij het begin van je coachingstraject kan sterk variëren en hiermee dus ook de methodes die je kunt gaan gebruiken bij het coachen. Tijdens jullie eerste ontmoeting is het centrale thema natuurlijk kennismaken, uitwisselen van contactgegevens en afspreken waar en wanneer jullie elkaar (meestal wekelijks) gaan ontmoeten. Realiseer je je ook dat men in andere culturen anders met afspraken omgaat dan in Nederland. En bespreek duidelijk wat voor jou wenselijk is.

Daarnaast krijg je tijdens deze kennismaking een redelijk beeld van het taalniveau van een anderstalige.

Als de woordenschat van een anderstalige nog heel beperkt is, dan zijn je handen en voorwerpen de beste tools die je kunt gebruiken. Gebruik dan non-verbale manieren om de betekenis van een woord te veruidelijken (semanteringstechnieken) om woorden uit te leggen.

Non verbale semanteringstechnieken:

  • Een voorwerp laten zien. Dit is een perzik of dit is een plaatje van een perzik.
  •  Essentiële kenmerken laten ervaren. De schil van een perzik laten voelen, een perzik laten proeven.
  • Een begrip voordoen of uitbeelden. Sluipen (horen, zien, voelen, ruiken, proeven) doe je zo.

Natuurlijk bestaan er naast non-verbale ook verbale mogelijkheden om de betekenis van een woord duidelijk te maken. Lees hierover meer in een volgend blog.

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.